Taal:

  • nl flag
  • de flag

Social media

De Dennen

De Dennen, ookwel het Texelse bos, maakt deel uit van het Nationaal Park Duinen van Texel en ligt aan de westzijde van het eiland. Het gebied werd aangeplant tussen 1898 en 1921 voor de houtproductie. Inmiddels doet het Texelse bos met name dienst als recreatiegebied . Het is dan ook een ideale plek om te wandelen (al dan niet met hond), fietsen, paardrijden of picknicken.

Toen Staatsbosbeheer in het begin van de twintigste eeuw begon met de aanleg van het Texelse bos, werden vooral dennenbomen geplant - bedoeld voor de productie van hout. Weinig Texelaars waren enthousiast over het plan: zij vreesden dat op de duingrond niets wilde groeien. De bomen bleken wel te groeien, al ging dit niet vanzelf. Op sommige plaatsen was de grond te droog; op sommige te nat. Dit werd opgelost met sloten voor de afwatering. Op de droge gedeelten werd volgzogen turf in de grond gelegd. Maar daarmee waren de problemen nog niet opgelost. Een tweede obstakel was de zoute zeewind: de dennenbomen die werden geplant, waren hier niet tegen bestand. Als oplossing werden loofbomen aan de westzijde van het bos geplant, om de wind als het ware 'op te vangen'.

Recreatie
Met de houtproductie die men met het aanplanten van het dennenbos had gepland, liep het niet zo hard als gehoopt. Na de Tweede Wereldoorlog kreeg het bos echter een tweede functie: men bezocht het bos ter recreatie. Niet alleen Texelaars, maar ook veel toeristen trokken de bossen in om te wandelen, fietsen, paardrijden of picknicken. Nog steeds heeft het bos een recreatieve functie. Men kan bijvoorbeeld terecht op één van de speelweiden, op de barbecueplaats, op uitkijktoren de Fonteinsnol, op het Turfveld en op de vele wandelpaden met verschillende afstanden. Honden zijn ook welkom - op veel paden mogen de viervoeters zelfs loslopen - mits hondenpoep wordt opgeruimd.

Staatsbosbeheer
Met de verandering van de functie van het Texelse bos, veranderde Staatsbosbeheer ook het beleid in het gebied. Vandaag de dag streeft Staatsbosbeheer ernaar dat het bos zichzelf in stand houdt. Her en der zijn bomen gekapt voor meer licht en dus leven in het bos, de slootkanten zijn natuurlijker gemaakt en er groeien inmiddels veel verschillende bomen, struiken en planten. De aanwezigheid van staand of liggend dood hout is belangrijk voor het bos: hier gedijen bacteriën, schimmels en insecten goed - die op hun beurt tot voedsel dienen voor vogels en andere dieren. Doordat het gebied zo natuurlijk mogelijk wordt gehouden, biedt het Dennenbos voor allerlei soorten planten en dieren wat wils op het gebied van voedsel en schuilplaatsen.